Home / Fochteloërveen / Actueel /
Trekvogels Natura 2000 FochteloŽrveen in de knel

Het FochteloŽrveen is een heel belangrijk natuurgebied in Nederland. Het ligt op de trekroute van veel trekvogels die er komen om bij te tanken. Een zestal niet-broedvogels is daarom extra beschermd met Natura 2000. Drie daarvan hebben het moeilijk door alle veranderingen rond het wetland. Het gaat om: toendrarietgans, kleine- en wilde zwaan.

Het zijn vogels die pendelen tussen het hoogveen en het boerenland. Net als de kraanvogel eten ze vooral oogstresten op de akkers die grenzen aan het hoogveengebied. Als het donker wordt, vliegen ze naar de plassen in het wetland om te slapen.  

Prachtige waakzame toendrarietganzen uit SiberiŽ vliegen duizenden kilometers om hier bij te tanken.

Rust en stilte verdwijnen geleidelijk in het FochteloŽrveen
Afgelopen decennia volgden grote ruimtelijke veranderingen elkaar op tussen het wetland FochteloŽrveen en Assen. Een golfbaan en een nieuwbouwwijk Kloosterveen in Assen hebben honderden hectares akkers opgeslokt en door neveneffecten is nog veel meer rust- en foerageergebied ongeschikt geworden.

Voorheen sliepen de ganzen op het Esmeer en lag er belangrijk foerageergebied in de polder Kloosterveen en Zeijerveen. In strenge winters is de functie van het Esmeer en omgeving vanwege drinkvluchten nog veel belangrijker.

Een verandering die er nog aan zit te komen, is de volgende uitbreiding van de wijk Kloosterveen in Assen. Het veengebied is toegankelijker gemaakt met kilometers betonnen fietspad. Het gevolg is een sterke toename van bezoekers. Rondom het FochteloŽrveen zijn afgelopen decennium, vooral bij de betonnen fietspaden, nieuwe ďparkeerplaatsjesĒ ontstaan met 1-5 autoís. Hier parkeren bezoekers de auto en gaan te voet of met de fiets verder. Dagelijkse bezoekers zijn bewoners en hondenbezitters en recreanten uit de omliggende dorpen. 


Rondom het veengebied is een twintigtal parkeerplaatsen ontstaan na de aanleg van fietspaden.  

De  betonnen fietspaden liggen op de overgang van het hoogveen en het intensieve boerenland, en doorsnijden rust- en foerageergebied van de pendelende wintervogels. Dat knelt al jaren met de instandhoudingdoelstellingen van het gebied. Wintergasten op de akkers tussen Assen en Bovensmilde worden vaak dezelfde dag al verjaagd.

Voor de aanleg van het fietspad van Norgervaart en Meesterswijk is dit ook duidelijk gemaakt aan de Provincie door een zienswijze van Vogelbescherming. Nu is een groot deel van de akkers tussen het FochteloŽrveen en Smilde door veranderingen in enkele decennia vrijwel ongeschikt geworden. Ook op kleine schaal gaan de ontwikkelingen door met nieuwe woonhuizen, loodsen en boerderijen, vooral aan de wijken in Smilde.

Met dichte houtwallen vermindert de verstoring
Toendrarietgans, wilde- en kleine zwaan zitten veiliger in een half open landschap met dichte boomwallen en hagen. In koude jaren zoeken ganzen en zwanen en veel andere dieren de dekking van boomwallen bewust op tegen de kou. Aanplant van dicht struweel langs nieuwe fietspaden zou dus logisch zijn als mitigatie. Ook het herstel van houtwallen en boomwallen kan de soorten helpen. 

Rond het veen gebeurt het tegenovergestelde. Afgelopen jaren is op grote schaal gekapt langs wijken, paden en doorgaande wegen. In 2014-2016 heeft de gemeente Oostellingwerf kilometers dicht struweel langs de wegen in het foerageergebied gekapt of gefreesd. Een sterk toegenomen recreatiedruk en nieuw asfalt op de FochteloŽrveenweg heeft voor meer autoverkeer gezorgd en versterkt het effect. Er komt meer openheid en vooral meer verstoring. Geschikt foerageergebied gaat in kwaliteit achteruit door verkeerde keuzes.  
  
  
Rond het hele veen wordt gekapt en komt steeds meer verstoring. Links Menneweg Ravenswoud, rechts FochteloŽrveenweg Fochteloo 2015/16.
 

  
Rondom het wetland verdwijnen dichte boomwallen en komt verstoring. Links Drentse weg Veenhuizen en rechts Norgervaart Assen fietspad richting Meesterswijk Bovensmilde 2015/2016


De lucht is van de vogels
De luchtvaart is een bron van zorg waar niemand grip op krijgt. De meest intensieve verstoring ontstaat door overvliegende helikopters. Het aantal helikopters dat het wetland passeert neemt toe en daarmee het aantal verstoringen. Naast noodzakelijke vliegbewegingen van de trauma- en politiehelikopters zijn er legerhelikopters, helikopters van het waterschap en verschillende particulieren die hier onnodig vliegen.

Het gevolg van elke intensieve verstoring is dat andere verstoringen door kleine vliegtuigen worden versterkt. Het gaat om de lawaaierige lesvliegtuigen van een handvol commerciŽle vliegscholen uit Eelde en Lelystad die vliegen boven het stiltegebied, ondanks gedragscodes en de aanwijzing als Natura 2000-gebied. Op de aan- en afvliegroute van Eelde zorgen vakantievluchten een enkele keer voor verstoring op de foerageer- en slaapplaatsen van ganzen. Dit effect is groter na passage van een helikopter.

Hetzelfde geldt op de grond: lawaaierige voertuigen jagen ganzen op, als net daarvoor een helikopter laag is overgevlogen. Andere nieuwe ontwikkelingen in het foerageergebied zijn het gebruik van drone en deltavlieger, die soms worden ingezet om de ganzen en zwanen te verjagen. Luchtballonnen hebben een groot effect, maar zijn in herfst en winter meestal afwezig.  


Nieuwe ďaanwinstĒ in 2015. Helikopters veroorzaken de meest intensieve verstoringen en versterken de verstoring van overige vliegbewegingen. De cumulatie van verstoringen heeft een negatief effect.


Akker met oogstresten, maar minder ganzen en zwanen
Al jaren valt op dat het foerageergebied in Bovensmilde en Assen vaak leeg is, of ineens helemaal leeg is. Dat krijg je alleen in beeld door geregeld, minstens enkele keren per week een gebied te bezoeken en niet met maandelijkse tellingen.

Om de oorzaak te achterhalen, is in de winter 2015/16 dagelijks, op wisselende tijden, een telronde gedaan. Alle belangrijke rust- en foerageergebieden zijn bezocht en het terreingebruik en verstoring van ganzen, zwanen en kraanvogels is in kaart gebracht. Aan het licht kwam dat de afwezigheid van ganzen en zwanen bijna altijd wordt veroorzaakt door verstoring of verjagen door mensen. Naast het gebruik van de wegen en paden is het drukker geworden op de akkers, vooral langs de wijken in Smilde.

Verstoring wordt veroorzaakt door*: boeren, jagers, jacht, wandelaars, natuurliefhebbers (fotografen), het waterschap (vooral muskusrattenvangers), luchtvaart (vooral helikopters) en wandelaars met loslopende honden, personen met metaaldetectie, mountainbikers, motorcrossers of ruiters.

*Vetgedrukt zijn geregelde tot dagelijkse verstoringen van groepen vogels in rust- en foerageergebied FochteloŽrveen.  


Vrij ideale omstandigheden voor ganzen en zwanen. Hier een groepje kleine zwanen die enkele dagen later vertrokken zijn na dagelijkse verstoring door een bewoner met loslopende honden. Grietmanswijk december 2015  



Zo hoort het. Dutten en bijtanken op een akker met graanstoppel in het foerageergebied Tachtig Bunder. Februari 2016


Wintergasten die pendelen tussen hoogveen en akker nemen af
De gebiedsmaxima in het FochteloŽrveengebied zijn vaak maar enkele dagen aanwezig. Soms zitten er veel ganzen, omdat ze in een buurgebied zijn verjaagd. Dat kan niet de bedoeling zijn van instandhoudingdoelstellingen. Het foerageergebied van ganzen en zwanen in het FochteloŽrveen is sterk veranderd. Om een beeld van de aantallenontwikkeling te krijgen, worden daarom ganzen en zwanen geteld en wordt gekeken naar terreingebruik en slaapplaatsen.

In 2008-2016 zijn groepen rietganzen afgespeurd op de aanwezigheid van ganzen met halsbanden. Per winter is naar schatting 300 uur geÔnvesteerd om de ganzen te tellen en de halsbanden af te lezen in het Ďfoerageergebied FochteloŽrveení. Er is dus een bulk aan informatie voorhanden dat veel meer zegt dan een minimum en maximum zoals genoemd in het beheerplan FochteloŽrveen.





Het terugkeerpercentage van de rietgans met halsband in de winter erop is vrij hoog met 46% in 2009-2016 (n=854). Het verblijf op de pleisterplaats van de individuele rietgans is in dezelfde periode juist sterk afgenomen van 19 dagen naar 7 dagen (Figuur 1). Ruimtelijke veranderingen, weersinvloeden maar vooral verjagen en verstoring spelen de laatste jaren een steeds grotere rol in het overwinteringsgebied.


Gemiddelde verblijfsduur per rietgans met halsband op de Ďakkers FochteloŽrveení in 2008Ė2016.    

De verblijfsduur van de individuele toendrarietgans is sterk afgenomen door verstoring.

Pleisterplaats wilde- en kleine zwaan leeg gelopen
Een vaste pleisterplaats van wilde- en kleine zwanen in de polder Ravenswoud en Menneweg is na decennia van gebruik nagenoeg verdwenen. Door ruimtelijke veranderingen in het gebied kwam er meer openheid en steeds meer verstoring.

Beide soorten laten de afgelopen zes jaar een negatieve trend zien in het overwinteringsgebied. In de winter 2015/16 was er nog ťťn geregeld gebruikte pleisterplaats over, met enkele tientallen zwanen vlak bij Appelscha. Ook hier worden de zwanen echter geregeld op verschillende manieren verjaagd. Op de pleisterplaatsen waar zwanen kort bleven, is verjagen de reden dat ze elders zaten in kleinere groepen of ineens waren vertrokken.

Conclusie: verjagen of beschermen
De afname van het gemiddeld aantal rietgansdagen van ganzen met halsband, het verdwijnen van een pleisterplaats van zwanen en de afname van het aantal wilde- en kleine zwanen in het FochteloŽrveen zijn duidelijke signalen.



Ook de kraanvogel ondervindt steeds meer hinder van verjagen en verstoring op de akkers jaarrond. Deze soort is afgelopen jaren al een paar keer uitgeweken naar het Dwingelderveld als gevolg van bewust verjagen door mensen. Dit krijg je alleen in beeld met intensief tot dagelijks observeren. Net als toendrarietgans, wilde- en kleine zwaan is de kraanvogel een pendelaar tussen hoogveen en akker.

Te vaak verjagen betekent dat groepen vertrekken en op zoek gaan naar een alternatief. Indirect worden kraanvogels verjaagd, omdat boeren de grauwe ganzen verjagen op de stoppelakkers van graan en maÔs. Ook de grauwe gans is een pendelaar van hoogveen en akker.


Grauwe ganzen en kraanvogels op stoppelgraan worden geregeld tot dagelijks verjaagd.
 

Rust op de akkers kan de negatieve trend waarschijnlijk keren
Om de zorgwekkende trend te keren, is het nodig om rust- en foerageergebied aan te wijzen op akkers die grenzen aan het hoogveen. In de rustgebieden moet ruimte zijn voor de noodzakelijke agrarische werkzaamheden, maar verder moet het er rustig zijn. Boeren die akkers met oogstresten hebben, kunnen hier een belangrijke rol in spelen. Daarnaast moet er handhaving komen in de lucht en op de grond. Zonder handhaving verandert er niets.

Veranderingen die nodig zijn om de negatieve trend te keren:               

  1. Aanwijzen van vaste rust- en foerageergebieden rond het FochteloŽrveen.
  2. Terugdringen van verstoringen op de akkers rond het veen.
  3. Herstel en bescherming van boomwallen, in een straal van tien kilometer rond het FochteloŽrveen. Wees zuinig op het halfopen landschap!
  4. Beplanting langs de wegen, fietspaden in het foerageergebied herstellen, intact laten en snoeien als het noodzakelijk is, maar dan niet in zijn geheel verwijderen.
  5. Handhaving en voorlichting over de zorgplicht in de Nieuwe Natuurwet, aan alle gebruikers van het FochteloŽrveen, door Provincie en beheerders.


Rood omlijnde gebieden aanwijzen als vaste rust- en foerageergebieden voor ganzen, zwanen en kraanvogels. Oranje omlijnd is de vaste pleisterplaats van zwanen in 2015/16. Oranje ? = begrenzing bepalen zodra de exacte uitbreiding van Kloosterveen Assen bekend is.



delen






contact
tags
Bureau De Kraanvogel
FochteloŽrveen 10
8428 RR Fochteloo
0516-588589
Het Waait
Twelloseweg 10a
7439 AS Steenenkamer
0570-618989