Home / Fochteloërveen / Actueel /
Broedvogels in de lift, ganzen en zwanen in de min

In Europa zijn afspraken gemaakt om belangrijke natuur en soorten te beschermen met Natura 2000. Voor deze gebieden wordt een beheerplan geschreven. Hierin staan onder meer de soorten die belangrijk zijn, wat de knelpunten zijn en wat er moet veranderen.

In het FochteloŽrveen gaat het beschermen van de broedvogels goed. Aangewezen zijn: geoorde fuut, porseleinhoen, paapje en roodborsttapuit. Samen met andere kritische soorten als blauwborst, grauwe klauwier, roerdomp en kraanvogel profiteren zij van de genomen maatregelen. Voor het paapje blijft maatwerk nodig omdat het aantal in het FochteloŽrveen bijzonder is, maar ook kwetsbaar!

Grauwe klauwier profiteert van de maatregelen en is terug in het natuurgebied met 18 paar in 2014


Blauwborst is de afgelopen decennia sterk toegenomen. In 2014 zijn maar liefst 147 paar geteld.

Door de vernatting is geschikt broedgebied ontstaan voor de geoorde fuut: 28 paar in 2014

De extra bescherming geldt ook voor een paar eenden, ganzen en zwanen. De kwalificerende soorten wintertaling en slobeend zitten in het natuurgebied in de lift en hebben baat bij de vernatting en de vergroting van het rustgebied.

Soorten die afhankelijk zijn van het natuurgebied om te slapen en het boerenland om te eten zijn echter slecht beschermd. Dit zijn wilde- en kleine zwaan en kol- en toendrarietgans. Zij vliegen duizenden kilometers om hier te overwinteren en worden soms met geweer verwelkomd op de akkers. In 2014 stonden voor het eerst sinds decennia zelfs weer lokganzen in het foerageergebied van de ganzen.

Om de potentieel gunstige omstandigheden die het FochteloŽrveen biedt om de instandhouding van soorten te borgen, is het van belang dat ze beschermd worden. Dit kan door gebieden in het boerenland aan te wijzen waar ze niet worden verstoord.

Wilde zwanen worden vaak verstoord op de akkers en steeds minder gezien

In het FochteloŽrveen wordt al enkele decennia naar ganzen en zwanen gekeken. Sinds er wordt geschreven aan het beheerplan van 2009-2015 zien waarnemers de verstoring door landbouwers en jacht alleen maar toenemen. De onrust op de akkers is de reden dat ganzen vaak al na een paar dagen weer zijn vertrokken. Rondom het FochteloŽrveen zijn de afgelopen decennia fietspaden, bruggetjes, enzovoort aangelegd, zodat het gebied beter toegankelijk is voor de recreant. Prachtig voor bewoner en toerist, maar de ganzen en zwanen die bescherming verdienen, zijn steeds weer de dupe, omdat een steeds groter gebied ongeschikt wordt om te rusten en te eten. Mitigerende maatregelen die nodig zijn of zelfs zijn afgesproken, blijven achterwege of worden niet uitgevoerd. Des te schrijnender is het om te moeten constateren dat rondom het gebied juist meer verstoring komt op de akkers die op korte afstand van de slaapplaats liggen, ook door een steeds langer groeiseizoen als 2014. Daarnaast is de verstoring door de nieuwbouw Kloosterveen Assen en de luchtvaart een permanente bron van zorg.   

Gebiedsmaximum ganzen FochteloŽrveen door verstoring bij de buren

Als leidraad voor het aantal ganzen in een Natura 2000 gebied worden gebiedsmaxima aangehouden. Zoín maximum wordt vaak enkele dagen gehaald en gebruikt door beleidsmakers om aan te geven dat het wel goed zit. Gebiedsmaxima van ganzen worden in het FochteloŽrveen de laatste jaren soms bereikt na intensieve verstoring in een naburig gebied. Het mag duidelijk zijn dat in zoín geval het criterium een wassen neus is.

Door wekelijks en soms dagelijks een gebied van duizenden hectares te doorkruisen met de auto worden de ganzen en zwanen geteld en is exact bekend waar de meeste verstoring plaatsvindt en wat hiervan de oorzaak is. Een enkel voorbeeld is de Menneweg, waar al decennia ganzen en zwanen foerageren. Wilde- en kleine zwanen zaten elk jaar aan de Menneweg en in de polder Ravenswoud, maar worden er nu weinig meer gezien. De trend van de zwanen is de laatste jaren negatief door verstoring en versnippering, ook in het natuurgebied. Ganzen worden steeds weer opgejaagd door boeren, jagers, mensen met een metaaldetector of recreanten met loslopende honden, mountainbikers, enzovoort.

De gemiddelde verblijfsduur per gans, die bekend is geworden door 7 jaar intensief aflezen van halsbanden, neemt de laatste jaren af en daarmee ook het aantal gansdagen. Dit gegeven zou voldoende moeten zijn om mitigerende maatregelen uit te voeren en de trend te keren. Het constant verjagen van grote groepen ganzen en zwanen kost ze energie, en als gevolg daarvan moet er weer extra worden gegeten.

Het gaat ten koste van de draagkracht van het gebied en zorgt voor mogelijke schade bij boeren. Schade zou moeten worden vergoed, zodat ook boeren de ganzen op hun percelen gedogen.  Bezoekers en bewoners moet duidelijk worden gemaakt wat Natura 2000 inhoudt en wat er wordt gedaan om soorten te beschermen door de provincie. Een stukje voorlichting kan met borden in het boerenland op de grens met het natuurgebied.

Oplossingen voor de afnemende trend van ganzen en zwanen:

  • aanwijzen foerageergebieden en terugbrengen van verstoring
  • uitvoeren van mitigerende maatregelen en planten van struweel langs fietspaden in open gebied op de grens met het natuurgebied om verstoring te verminderen
  • voorlichting aan bezoekers en bewoners

Verstoring van rietganzen blijft toenemen op de akkers

Rietganzen vliegen duizenden kilometers om hier te overwinteren en ondervinden veel hinder van verstoring



delen






contact
tags
Bureau De Kraanvogel
FochteloŽrveen 10
8428 RR Fochteloo
0516-588589
Het Waait
Twelloseweg 10a
7439 AS Steenenkamer
0570-618989